De analoge of digitale klok? Wat leer je eerst aan?

Je vraagt je misschien wel eens af “Waarom zou ik mijn kind nog leren kloklezen op een klassieke klok of horloge? De meeste klokken zijn tegenwoordig toch digitaal?” Een begrijpelijke vraag van veel ouders. Toch is het antwoord genuanceerder dan je zou verwachten en niet iedereen is het er over eens wat nu de beste aanpak is.

In dit artikel geven we ook aan hoe je kloklezen oefent met onze werkboekjes kloklezen.

Wat traditioneel gebeurt op school

Op de meeste scholen wordt meestal eerst de analoge klok aangeleerd. De digitale klok komt pas later aan bod. De gedachte hierachter is de volgende: wie eerst begrijpt hoe de wijzers een uur in stukken verdelen (een half uur, een kwartier), snapt daarna sneller wat een digitale tijdsaanduiding als “14:45” betekent.

Waarom een deel van de experts het tegenovergestelde aanraadt

Er bestaat ook een andere kijk op kloklezen. Sommige onderwijskundigen wijzen erop dat kinderen vandaag al heel jong vertrouwd zijn met digitale tijden via gsm, tablets en smartwatches. En dat de digitale klok voor veel kinderen net gemakkelijker aan te leren is dan de analoge. Bij deze aanpak leert een kind dus eerst “14:45 betekent kwart voor 3”. De analoge klok komt er pas later bij.

Wat is dan de beste keuze?

Hierop bestaat geen eenduidig antwoord. Wel is er een breed gedeeld inzicht: de analoge klok blijft de moeite waard om aan te leren, ook al gebruikt je kind thuis vooral digitale schermen. De wijzers maken tijd namelijk “zichtbaar”: je kind ziet letterlijk hoe de minuten voorbijgaan wanneer de grote wijzer ronddraait. Dat helpt dan weer om tijdsbesef en ruimtelijk inzicht op te bouwen. Bovendien kom je de analoge klok nog steeds overal tegen in het dagelijks leven: op de klok aan de muur op school, in oude gebouwen zoals treinstations, op een polshorloge,…

Onze aanpak: begin met de analoge klok voor het oefenen van tijdsbesef. Wanneer je kind dit onder de knie heeft, kan je de digitale klok erbij halen. Zo leert je kind kloklezen in de beide vormen.

In onze werkboekjes kloklezen wordt het kloklezen ook op deze manier opgebouwd: 

  • In het werkboekje kloklezen voor kinderen van 6 tot 9 jaar wordt gefocust op de analoge klok. De digitale klok komt hier nog niet aan bod in de oefeningen.
  • In het werkboekje kloklezen voor kinderen van 9 tot 12 jaar focussen we op beide manieren van kloklezen.

Praktisch: zo pak je het aan

  • Start met hele en halve uren op een analoge (oefen)klok.
  • Wanneer je kindje hiermee weg is, kan je de tijden beginnen aanduiden op een digitale klok: “kijk, de wijzers staan op half 4 en op je tablet zie je dan 15:30.”
  • Wacht met het aanbrengen van kwartieren en minuten tot de hele en halve uren goed gekend zijn.
  • Blijf beide vormen door elkaar gebruiken in het dagelijkse leven zodat je kind beide manieren van kloklezen blijft oefenen.

Gratis voorproefje uitproberen?

Wil je graag eerst een werkblaadje kloklezen uitproberen? Dat kan zeker!

Schrijf je hieronder in voor de nieuwsbrief. In ruil voor jouw inschrijving ontvang je een gratis bundel van 20 pagina’s met oefenblaadjes kloklezen en een heleboel andere superleuke activiteiten!📥

Veelgestelde vragen

Is de digitale klok makkelijker dan de analoge klok?

Voor veel kinderen wel omdat ze de cijfers gewoon kunnen aflezen. Toch mist de digitale klok het aspect van visueel tijdsbesef dat met de analoge klok wel  wordt geoefend.

Moet mijn kind allebei kunnen lezen?

Ja, uiteindelijk wel. Beide vormen kom je in het dagelijkse leven tegen en ook op school wordt allebei aangeleerd en getoetst.

Mijn kind kan de digitale klok al goed lezen, maar loopt vast bij de analoge klok. Is dat een probleem?

Nee, dat komt vaak voor. Blijf vooral verder oefenen met de analoge klok. En doe dit in kleine stapjes. Begin met hele uren. Ga daarna over op de halve uren en bouw zo verder op.

Lees ook onze andere blogartikelen

Snel naar de webshop

Reactie plaatsen

Reacties

Er zijn geen reacties geplaatst.